| Lesplan: |
Inleiding
- structuur van het programma
- schermindeling
- menu structuur
- muisfuncties
- communicatie tussen gebruiker en programma
Basiscommando's
- Direct na de inleiding gaat de cursist starten met het maken van zijn/haar eerste tekening. Hierbij worden de volgende commando's gebruikt: ZOOM:,LINE:,OFFSET:,TRIM:,FILLET:,ORTHO:
- omgaan met afdrukschalen
Gebruik van hulpfuncties
- "direct distance entry"
- object snap / AutoSnap
- tracking
- ortho / polar snap
Gebruik van lagen
- omgaan met lijndikten en lijnsoorten
- maken van een prototype drawing (opstarttekening)
Maatvoering aanbrengen
- gebruik dimstylen
- wijzigen maatvoering
- associatieve bemating
|
Wijziging en constructie commando's
- aan de hand van ruim 30 oefeningen worden alle commado's voor het wijzigen en construeren van een tekening behandeld, zoals ERASE:, ROTATE:, ALIGN:, LENGTHEN:, ARRAY:, CHAMFER:, DIVIDE:, MEASURE:, STRETCH:, SCALE:.
Bibliotheek (Block's)
- gebruik van standaard symbolen en details
- BLOCK:, WBLOCK:, INSERT:, XREF:
Inquiry en Utility commando's
- waaronder de commando's LIST:, DIST:, ID:, AREA:, MASSPROP:
Tekening indeling
- omgaan met Layouts (modelspace/paperspace)
- plotinstellingen
Geavanceerde technieken (in overleg)
- gebruik van attributen en het genereren van lijsten
- 3 dimensionaal ontwerpen
- aanmaken eigen toolbars
- werken met externe referenties
|